Racisme is nog nooit zo dichtbij geweest nu ze een gezinshuis zijn

De meeste kinderen (zonder bekende problematieken) komen in de pleegzorg terecht.
Kinderen met een beperking kunnen moeilijke geplaatst worden in een pleeggezin. Dit door de extra zorg die ze nodig hebben.
Veelal komen deze kinderen in een woongroep op een instelling terecht. Voor veel kinderen is dit de enige, maar niet de beste oplossing. Soms vindt een voogd met behulp van een organisatie voor gehandicaptenzorg een gezinshuis dat past bij de specifieke wensen van het kind.

In Nederland is een groot te kort aan pleeggezinnen.
Ook wordt er constant gezocht naar potentiële gezinshuizen.

In de blog van vorige week beschreef Sabine waarom ze gekozen hebben voor een gezinshuis maar wat betekende dit voor het gezin nu het eindelijk zover is en maakte ze zich zorgen?

Sabine vertelt:

Wij hebben ons nooit zorgen gemaakt over de mening van onze jonge kinderen, wel hebben we veel aandacht aan mogelijke agressie besteed. Iets wat sommige kinderen met een beperking meer laten zien. Onze kinderen hebben we pas op de hoogte gebracht toen de plaatsing dichterbij kwam. We hebben de kinderen meegenomen naar de kamer die toen nog de rommelkamer was. Daar heb ik verteld dat we de kamer op gingen ruimen. Zo ontstaat er een slaapkamer voor een kindje die er nog één zoekt.
Dit pakten ze beide goed op. Een slaapkamer maken voor een ander kindje. We hebben onze kinderen betrokken bij het opruimen en de keuze van de kleur op de muren. Toen alles klaar was, sleepten ze al hun speelgoed naar die kamer en wilde in de kamer van hun nieuwe vriend spelen. Ze stonden er dus super positief en open in, eigenlijk precies hoe ze ook in het leven staan.

In eerste instantie was onze familie vrij negatief. Ze schrokken natuurlijk. Het is niet niks om je huis met jonge kinderen open te stellen voor een kind met een verstandelijke beperking. Vooral onze ouders waren bang voor alles wat verkeerd kon lopen. Maar het traject heeft lang geduurd. In de tussentijd is iedereen bijgedraaid. En is C. bij iedereen welkom. Niet als kleinkind, maar als bezoek. Vrienden daarentegen reageerden positiever. Die waren natuurlijk niet bezorgd zoals familie dat kan zijn en weten goed hoe wij in het leven staan. Voor Joey en mij was het daarom erg prettig om tijdens het traject (en nu nog steeds) met vrienden te praten.

Tussen de vondst van de vacature en de daadwerkelijk plaatsing zat ongeveer 16 maanden.

Dit zou sneller kunnen, maar ik besloot tussendoor graag nog te verhuizen. Dit was qua ruimte niet nodig voor een 3e kindje. Ik had meer een nu of nooit gevoel. Verhuizen zag ik namelijk niet zitten met 3 kinderen. Doordat er heel veel aandacht besteed wordt aan het vinden van een goede match, kan de periode tussen het idee en de plaatsing heel verschillend zijn per gezin. Voor ons gevoel hebben we niet veel hoeven veranderen in huis. Buitenstaanders zien dat vaak heel anders dan wij. Ze zien vooral dat we ons hele leven hebben omgegooid. Ik heb mijn baan eindelijk op kunnen zeggen. Dat is natuurlijk best een verandering, maar juist wel een belangrijke drijfveer in het hele proces. Daarnaast hoefde we alleen de slaapkamer in orde te maken. En dat was juist heel leuk. Die slaapkamer maakte de komst van C. eindelijk concreet.

Voor de kinderen was de prettigste verandering dat ik ‘altijd’ thuis ben. Lynn hebben we van de opvang gehaald, want die is niet meer nodig. Ze gaat nu naar de PSZ en dat scheelt aardig in de portomonee. Kyan vindt de BSO geweldig en wilde eigenlijk niet stoppen met daarheen gaan, omdat ik toevallig thuis ben. Als compromis mag hij nu nog een middag per week naar de BSO gaan.
Al hoop ik wel dat hij langzaam steeds minder behoefte heeft om te gaan. Maar voor nu is het goed. Op de BSO heeft hij alle ruimte om te spelen en te rennen en dat is wel lekker met alle regen en kou die de winter ons zal brengen.

Voor C. was het natuurlijk verschrikkelijk eng om bij ons te komen. Volwassenen besluiten voor hem dat hij z’n spullen moet pakken en beter bij ons kan wonen. Door zijn problematiek mist hij zijn vorige gezin niet zoals een normaal ontwikkeld kind dat zou doen. Vooral de eerste maand was C. erg bang. Als een soort overlevingsstrategie liet hij alleen maar zeer sociaal wenselijk gedrag zien. Op het eerste gezicht lekker makkelijk natuurlijk, al waren wij erg blij toen hij na de eerste maand langzaam zichzelf durfde te laten zien.

C. woont nu inmiddels 4 maanden bij ons, maar voor m’n gevoel is dat al veel langer, ook voor C.

Hij is inmiddels helemaal gewend. Durft vrij door het huis te bewegen en laat goed zien wie hij is. Daar komen wat gedragsproblemen bij kijken waarop wij C. begeleiden. Ik durf zelfs te zeggen dat C. het nu al naar zijn zin heeft bij ons. De kinderen hoopten op een vriendje. Ze schrokken wel toen C. Met zijn 9 jaar en flink postuur bij ons thuis op de bank zat. Al snel keken ze daar doorheen en hebben ze echt een maatje in hem gevonden. Natuurlijk is het niet altijd perfect gezellig, maar dat is het huis tussen broers en zussen ook lang niet altijd. C. Gaat iedere maand een weekend uit logeren. Wij als volwassenen genieten bewust van de rust in huis. Kyan had de laatste keer een flinke huilbui ‘ C. hoort nu toch bij ons? Waarom gaat hij dan een weekend weg?’

C. Komt in ons leven en doet met alles mee. Toen C. in mei bij ons kwam had hij geen school. Daarna volgende de zomervakantie. We hebben elkaar de eerste 2,5 maand bijna iedere dag de hele dag gezien. Ik zag hem voor de vakantie vaker dan Kyan.
Dan wen je natuurlijk erg snel aan elkaar. Iedereen is inmiddels heel positief. C. past zich nog steeds aan bij onbekenden door heel sociaal gewenst gedrag te laten zien. Hij speelt lief mee in het spel van anderen en komt erg rustig over.

We krijgen vaak te horen van onze omgeving dat ze het heel nobel van ons vinden en veel respect voor ons hebben. Eigenlijk kan ik daar heel weinig mee. Ik doe gewoon m’n ding en heb toevallig m’n oudste kind er later bij gekregen.
Via Instagram heb ik een keer een negatieve reactie gehad. Ik had een hele mooie foto van de kinderen geplaatst en was helemaal verliefd op de foto. Een onbekende (ik heb een openbaar profiel) maakte in 2 reacties racistische opmerkingen. Die persoon heb ik benaderd. Volgens hem viel het onder humor.

Racisme is voor mij nog nooit zo dichtbij geweest als toen. C.  om zijn huidskleur benoemt werd in een grap waarin hij een contrast vormde met mijn kinderen.

Dit alles heb ik groot uitgemeten op IG. Daar kwamen hele mooie reacties uit, maar natuurlijk ook mindere.
Er waren namelijk meerdere mensen die humor ten koste van mensen met een etnische achtergond prima vinden kunnen.
Daarnaast werd ik gewaarschuwd, omdat dit nog veel vaker op mijn pad zou komen. Achteraf ben ik heel blij dat het online is gebeurd. De kinderen zijn zich van geen kwaad bewust. Wat ik zou doen als dit op straat gebeurd vraag ik mij af. Zou ik me inhouden voor de kinderen of zou ik weer zo boos worden.

Voor ons is een gezinshuis echt perfect. We hebben nooit spijt gehad en zijn echt heel blij met onze keuze.
Vooraf hoop je alleen dat het goed gaat. Dat de kinderen het met elkaar kunnen vinden. En vooral hoopte ik dat de gedragsproblemen te doen zouden zijn in ons gezin. Het is soms zwaarder dan ik me voor had kunnen stellen, maar verder is het zeker of beter dan verwacht. De afgelopen maanden hebben we al zoveel mooie momenten mee mogen maken. Dat maakt het gezinshuis tot een succes. Daarnaast zijn er natuurlijk minder mooie kanten. Je haalt toch een bijzonder kind in huis dat het in de pleegzorg niet heeft kunnen redden.

Mooie momenten zijn bijvoorbeeld als de kinderen met z’n drieën heerlijk samen spelen en elkaar helpen om bijvoorbeeld iets te bouwen. Lynn houdt onwijs van kroelen. C. minder maar hij kan zich inmiddels overgeven aan de liefde die ze hem spontaan geeft. Prachtig om te zien. Wanneer C. buiten wandelt door het bos of over het strand, dan kan hij echt genieten. Je ziet aan alles dat hij ontspant en zich buiten goed voelt.

Het hebben van een gezinshuis voelt dan echt niet als werk. Gewoon als een groter gezin.

Erg mooi en super knap van C. vind ik het als hij qua gedrag zich ontwikkelt. Hij was altijd gewend om op een negatieve manier zijn zin te krijgen. Ik ben echt trots als hij een andere strategie kiest en op een positieve manier contact maakt. Daarnaast ben ik dan ook eigenlijk wel trots op mezelf. Wij als gezinsouders zijn hele dagen bewust aan het opvoeden en soms is het lastig om consequent te blijven. Dan is het natuurlijk super fijn om te zien dat het binnen een redelijk korte termijn een positieve gedragsverandering oplevert.

Over de minder mooie momenten kan ik heel duidelijk het negatieve gedrag noemen.

C. kan in een boze bui zichzelf helemaal verliezen. Hij schreeuwt, gromt, stampt, schopt en soms slaat hij zichzelf. Eigenlijk lijkt het veel op gedrag van een heel boze peuter. Het komt alleen heel anders over omdat C. al 9 jaar is en daarnaast een flink postuur heeft. Soms moet hij naar een andere kamer, omdat het voor onze kinderen best heftig kan zijn. Gelukkig is het gedrag nooit uit de hand gelopen. Het voelt wel veilig dat wij allebei een achtergrond hebben in de intensieve zorg en goed met agressie om kunnen gaan. ‘S avonds spreken Joey en ik die situaties samen na. We proberen het gedrag te analyseren en de oorzaak te achterhalen om C. beter te leren begrijpen en de boosheid een volgende keer voor te kunnen zijn. Op zulke momenten is het hebben van een gezinshuis een pittige baan. Onze kinderen vinden het geweldig dat C. bij ons woont. De ene keer is hij een fantastisch speelmaatje. Een andere keer een vervelende broer, maar hij hoort erbij. Zijn aanwezigheid is zo vanzelfsprekend voor de kinderen. Hieruit blijkt maar hoe flexibel kinderen zijn.

Het negatieve gedrag kijken ze niet erg van op. Lynn stampt ook boos door het huis als ze boos is net als C. Zulke vergelijkingen maken we ook voor hen om alles in een kader voor ze te plaatsen. Op de zelfde manier vergelijken we positief gedrag van de kinderen. Ze zijn dan erg gemotiveerd om het positieve gedrag over te nemen.

C. Heeft een bezoeksregeling met zijn biologische moeder die een voogd organiseert. Ik zie moeder enkele minuten tijdens het brengen en ophalen van C. Met de pleegouders van C. hebben we wel veel contact. C. heeft bijna zijn hele leven bij hen gewoond, dus deze mensen zijn heel belangrijk voor hem. C. logeert een weekend per maand bij het pleeggezin. Omdat een gezinshuis een baan is, heb ik recht op vakantiedagen. Deze neem ik in overleg met het pleeggezin op. C. Logeert dan extra bij hen.
Tussendoor belt C. naar hen om te vertellen wat hij mee maakt. Het contact verloopt vooral via de pleegmoeder. Wij bellen, mailen en appen. Het afspreken van data enzo gaat heel soepel. Over andere dingen moet ik goed nadenken. Ik vind het heel belangrijk om me professioneel op te stellen en hun als pleegouder in hun waarde te laten. Soms is dat best lastig qua gevoel hoort C. nu echt bij ons en is onze opvoedstijl bewust heel anders dan die van hen.

Toen C. Bij ons kwam wonen had hij geen school. We hebben een lange weg bewandeld voor alles geregeld was. Toen was voogd erg betrokken. Nu alles loopt is ze meer op de achtergrond en zo is het vanuit de jeugdbescherming ook bedoelt. Ik vind het heel prettig om met een collega te overleggen/reflecteren om m’n blik te verruimen. In een gezinshuis is dat niet echt mogelijk.
Gelukkig heb ik veel contact met Syndion, mijn werkgever. Met hen kan ik details betreffende gedrag, opvoeding en onderliggen problematieken goed bespreken. Op die manier is Syndion echt een steun.

Wij voelen ons met zijn allen zeker een gezin. C. hoort er echt bij. Ook voor de mensen die dicht bij ons staan, zijn we nu een gezin van vijf. C. Wordt nooit vergeten. De weekenden dat hij uit logeren is missen we hem echt in het geheel.
Al is het ook genieten die weekenden. C. vraagt veel intensieve aandacht en dan is het fijn als we die aandacht juist weer even aan Kyan en Lynn kunnen geven. Pleegzorg en gezinshuis zijn is echt een prachtige verrijking van je leven.
Je kunt zoveel betekenen voor een kind en dat zie je iedere keer als ze lachen terug.
Voor ons is het echt perfect.

Geniet van het leven richt je op de mooie momenten en wees trots op wat je een kind kan bieden.
Met de hulp van pleegouders of gezinshuizen, hebben de kinderen een veel mooiere en stabiele toekomst.
Waarom zou je een kind niet willen helpen?

Voor de komst van C. vonden we het niet nodig om nog groter te wonen.
Nu vind ik het soms wel jammer. Door ruimtegebrek weten we zeker dat we geen plek kunnen bieden aan een tweede gezinshuiskind.

Sabien van Dam

Laat een reactie achter